Brengt China dichterbij

Sun Zi vindt Trump een lachertje (2)

Deel 2: De Iran-oorlog brengt China meer voor- dan nadelen

door Jan van der Putten

(lees hier deel 1 terug: De strategische blunders van Washington)

Al snel na de Amerikaans-Israëlische aanval op Iran bleek dat ook China te lijden had van de gevolgen. Maar de voordelen wegen daar ruim tegenop. Het zigzaggende geblunder van Trump heeft het aanzien van Xi sterk vergroot. Wat China betreft mag de vrede in Iran dan ook nog wel even op zich laten wachten.

Neutraliteit in woord maar niet in daad

China barstte niet in juichen uit toen Vladimir Poetin in 2022 Oekraïne binnenviel en daarmee China’s dierbaarste principe, de nationale soevereiniteit, met voeten trad. Het is precies het beginsel waarop China zijn onbespreekbare aanspraken op de ‘afvallige provincie’ Taiwan baseert. Die claim moet, volgens de lessen van de legendarische strateeg Sun Zi, het liefst zonder oorlog worden verwerkelijkt. Oorlogen waarin China niet rechtstreeks betrokken is, kunnen heel schadelijk zijn voor handel en investeringen van de Volksrepubliek. Zoals tijdens de burgeroorlog in 2011 in Libië, toen bijna 36 duizend Chinese bouwvakkers moesten worden geëvacueerd. Ook in Oekraïne was Beijing er allesbehalve gerust op. Het riep dan ook herhaaldelijk de strijdende partijen op om het strijden te staken.

De Chinese woorden ademden neutraliteit. Ze werden echter weersproken door de Chinese daden. In de praktijk staat Xi Jinping aan de kant van zijn ‘dierbare vriend’ Vladimir Poetin. Hun symbiotische maar ongelijke relatie levert Xi grote economische en geopolitieke voordelen op. China is bij deze oorlog ook militair betrokken door de training van Russische militairen en de levering van onderdelen voor de Russische oorlogsmachine, zoals chips en glasvezelkabels.

Strategisch positie kiezen

Moskou is steeds afhankelijker geworden van Beijing en raakt daar geïrriteerd over. Toch begint Poetin hoe langer hoe meer te lijken op een vazalvorst van keizer Xi. De ‘grenzeloze’ vriendschap die ze voor elkaar zeggen te voelen, kent duidelijk haar grenzen. De vijand van je vijand is niet altijd je vriend. Het is onderhand duidelijk dat China de Oekraïne-oorlog gebruikt om zelf machtiger te worden. En daar ligt voor de Volksrepubliek de grote overeenkomst met de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran.

Aanvankelijk leek China in de Iran-oorlog af te wijken van het Oekraïense scenario. Minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi maakte van zijn kritiek op die oorlog geen geheim, niet zozeer vanwege het feit dat de aanval begon op een moment dat er over het Iraanse atoomprogramma nog onderhandeld werd, en evenmin omdat de agressie illegaal was en er veel burgerdoden vielen, maar vanwege de ook voor China zeer schadelijke sluiting van de Straat van Hormuz.

Niet alleen deed de regering in Beijing herhaalde oproepen om een eind te maken aan ‘een oorlog die nooit begonnen had mogen worden’, maar samen met China’s cliëntstaat Pakistan wierp ze zich ook op als bemiddelaar. De twee stelden een plan op voor een wapenstilstand en een heropening van de Straat van Hormuz, terwijl Chinese diplomaten er bij de Iraanse leiders discreet op aandrongen om onderhandelingen te beginnen.

Partners in de ‘Nieuwe Zijderoute’

In eigen land moet Xi Jinping niets van moslims hebben, vraag maar aan de Oeigoeren, maar dat verhindert hem niet de streng-islamitische dictatuur van Iran te steunen, al was het alleen maar omdat ze hun voornaamste tegenstander gemeen hebben: de Verenigde Staten. Van de weinige handelspartners en investeerders die de Islamitische Republiek nog heeft, is de Chinese Volksrepubliek verreweg de grootste.

Bovendien neemt Iran in China’s ‘Nieuwe Zijderoute’ een strategische positie in, zoals dat ook het geval was toen de oude Zijderoute nog in gebruik was. Lange stukken van dat net van handelswegen werden toen beheerst door handelaars uit Perzië, de vroegere naam van Iran. Het land is sinds 2023 volwaardig lid van de door China gedomineerde Shanghai Cooperation Organisation, waarin tien landen samenwerken op economisch, politiek en veiligheidsgebied.

Aan China kan het door westerse sancties getroffen Iran moeilijk iets weigeren. Dus begon Teheran te onderhandelen met de VS. De voorwaarden die de nieuwe Iraanse leiders stelden, staan echter dwars op de door Trump geëiste ‘absolute overgave’: stopzetting van de vijandelijkheden, terugtrekking van de Amerikaanse strijdkrachten uit de Golfstaten, herstelbetaling voor de aangerichte verwoesting. Aanvaarding van deze eisen zou voor Trump neerkomen op erkenning van het ondenkbare: dat hij behalve de oorlog ook zijn gezicht had verloren. Onmogelijk, want een Trump kan alleen maar winnen.

De rollen zijn omgedraaid

De Amerikaanse president en de Israëlische premier hebben de Iran-oorlog verloren door hem niet te winnen. Hun belangrijkste doelen hebben ze niet bereikt: de totale vernietiging van het Iraanse kern- en raketprogramma en regime change. Van de voorspelde nationale opstand tegen het bewind is evenmin iets terechtgekomen. Ongetwijfeld zijn het regime zware slagen toegebracht. De hevige bombardementen en de moord op opper-ayatollah Ali Khamenei en veel leden van de bestuurslaag direct onder hem, hebben het regime niet uitgeschakeld. Een groepje ultra’s heeft de macht overgenomen: de politieke leiders van het Korps Islamitische Revolutionaire Garde.

Deze fundamentalistische fanatici hebben keihard teruggeslagen. Eerst met bombardementen en drone-aanvallen op Israël en op Amerikaanse militaire bases en olie- en gasinstallaties in de pro-Amerikaanse Golfstaten. En daarna door munt te slaan uit de geografie. De blokkering van de Straat van Hormuz heeft de economie wereldwijd ontwricht. Die verlammende zet, die faliekant in strijd is met het zeerecht, was door Washington en Jeruzalem kennelijk in het geheel niet voorzien.

Vooralsnog heeft Teheran strategisch aan het langste eind getrokken. Na een wapenstilstand bleef de vrede uit zicht. Trump wisselde dreigementen over de totale verwoesting van Iran af met bombastische aankondigingen over nieuwe onderhandelingen. Nu eens predikte hij hel en verdoemenis, dan weer verschoof hij deadlines en aanvalsplannen. Dit gezigzag heeft een gezichtsreddende uitweg uit de patstelling niet naderbij gebracht.

Trump zal nooit hardop zeggen dat de impasse neerkomt op een kolossaal Amerikaans-Israëlisch fiasco. Hij blijft heen en weer schommelen: eergisteren zei hij dat de oorlog geen haast had, gisteren dreigde hij Iran weg te vagen, vandaag beweert hij dat de onderhandelingen prima verlopen, en morgen roept hij weer wat anders. Dit alles tot woede van de oorlogsfanaticus Netanyahu en zijn Amerikaanse soortgenoten, die de man in het Witte Huis bezweren ‘het karwei af te maken’. Intussen is Trump, nooit moe van het aanrichten van onheil en nooit bereid zichzelf te corrigeren, alweer bezig een ander onzalig plan uit te broeden: de onderwerping van Cuba.

De prijs van onwetendheid

Het gebrek aan kennis over de vijand en over zichzelf, een doodzonde volgens de leer van Sun Zi, komt de Amerikanen duur te staan. Energie is ook in de VS peperduur geworden, Amerika’s internationale reputatie is nog verder gekelderd, Amerikaanse bondgenoten voelen zich verraden of geschoffeerd, de kosten van de oorlog rijzen de pan uit, en Amerika heeft zijn kruit bijna verschoten – letterlijk, want de voorraad hightech-raketten is bijna op. Twee van de drie Amerikanen moeten niets hebben van de Iran-oorlog. De populariteit van Trump is gezakt tot een historisch dieptepunt. Als die trend zich doorzet, is Trump niet te beroerd om de midterm-verkiezingen van november te annuleren.

Ook China wordt geraakt

En China? Wat zijn de gevolgen van de Iran-oorlog voor de Volksrepubliek? China was een van de weinige landen die zich hadden voorbereid op een energiecrisis: het heeft ruime strategische oliereserves en een brede variatie aan leveranciers, Rusland voorop. Het heeft de grootste voorraden steenkool van de wereld en het heeft zijn afhankelijkheid van fossiele energiebronnen spectaculair verkleind. In 2024 werd slechts 18 procent van de energie opgewekt door olie. Het olieverbruik is verder verminderd door de snelle opmars van de elektrische auto. Op het gebied van groene energie is China wereldleider. Het wekt bijna de helft van alle zon- en windenergie in de wereld op.

Maar het was onvermijdelijk dat ook China te maken kreeg met de fall-out van de Iran-crisis. Geen enkel land importeert immers zo veel ruwe olie en vloeibaar gas als China. Van alle door de Volksrepubliek ingevoerde ruwe olie passeerde vorig jaar ongeveer de helft de Straat van Hormuz. Datzelfde gold voor iets minder dan een kwart van alle geïmporteerde LNG. Iran laat sommige Chinese tankers en vrachtschepen door, en een klein deel van wat voorheen over zee werd vervoerd, gaat tegenwoordig over het spoor. Maar dat zijn niet meer dan oliedruppels op een gloeiende plaat.

Benzine is een stuk duurder geworden, het aanbod van helium, kunstmest en pesticiden is sterk verminderd, de plastic-industrie is in crisis, productieprocessen van veel goederen zijn verstoord, de prijzen gaan omhoog en de koopkracht daalt, toeleveringsketens zijn gebroken, lucratieve afzetmarkten in de Golfstaten zijn niet meer bereikbaar. Chinese investeringen in die regio zijn door Iraanse raketten geraakt. Daar komt bij dat de vraag naar Chinese producten ook in de grootste afzetmarkten inzakte. 

De economie en yuan op winst

En toch heeft de Iran-oorlog China ook voordelen opgeleverd. Grote voordelen zelfs, die ruim opwegen tegen de nadelen. De meest tastbare winst ligt op economisch gebied. De zwaar getroffen landen van Zuidoost-Azië smeken China om geraffineerde olieproducten, en die krijgen ze ook, dankzij de ruime reserve. De Chinese export is ondanks alles sterk toegenomen. Met alle landen van Afrika heeft China een vrijhandelsakkoord gesloten, met uitzondering van Eswatini (het vroegere Swaziland), het enige Afrikaanse land dat nog diplomatieke betrekkingen heeft met Taiwan. China zal zich graag nog meer dan voorheen ontfermen over Afrikaanse grondstoffen en havens.

De oorlog heeft ook de Chinese munt allesbehalve kwaad gedaan: de waarde van de yuan ten opzichte van de dollar is flink gestegen, en in internationale olietransacties worden in een groeiend aantal landen niet meer petrodollars, maar petroyuans gebruikt. Iran laat de schepen die de Straat van Hormuz mogen doorvaren tol betalen, niet in dollars maar in yuan. Een andere Chinese oorlogswinst: in de hele wereld is de belangstelling voor elektrische auto’s sterk gestegen. China heeft die in overvloed, ze zijn prima en goedkoop.

Xi Jinping komt over als wijze leider

Tegenover de tijdelijke verliezen staat volgens de Chinese leiders blijvende winst, en die weegt veel zwaarder. Het prestige van Xi Jinping is sterk gestegen, vooral in het mondiale zuiden, en hij heeft er niet eens veel voor hoeven te doen. Afgezet tegen de raaskallende imperialist Donald Trump komt Xi Jinping over als een wijze leider die niets moet hebben van oorlog. Tegenover de Amerikaanse egotripper en meestersloper staat de Chinese bouwer, die slechts aan ontwikkeling en vooruitgang zou denken. Naarmate het internationale vertrouwen in de Verenigde Staten afneemt, groeien het krediet en de soft power van China.

Met zijn onzinnige Iran-avontuur heeft Trump niet alleen de wereld, maar ook zichzelf een slechte dienst bewezen. Tijdens zijn laatste ontmoeting met Xi Jinping in Beijing smeekte hij de Chinese leider om bij de Iraniërs te bemiddelen. Xi gaf niet thuis. Misschien komt het hem wel goed uit als de vrede in Iran nog een tijd uitblijft, net als in Oekraïne. Want daardoor zal Trump het laatste restant van zijn prestige verliezen, en wie zal daar de vruchten van plukken? Precies.

Jan van der Putten is schrijver en journalist. Hij was onder meer correspondent in China. Zijn laatste boek is: Tijd van illusies: Mijn kleine geschiedenis van de wereld, verschenen bij Querido Facto